Dit artikel werd licht gewijzigd overgenomen uit De Boezingenaar,
jg. 37, nr. 4, juli 2010, pp. 90-92. In Boezinge zijn er een tiental
militaire begraafplaatsen, zeker als ook de twee van vóór de kleine
fusie van 1971 erbij genomen worden (Bard
Cottage Cemetery en Essex
Farm Cemetery, allebei Diksmuidseweg). Sommige liggen ook ver aan de rand
van Boezinge, zoals Minty
Farm Cemetery (Hemelrijkstraat) en No
Man's Cot Cemetery (Moortelweg). Maar we willen het hier niet hebben
over de nog aanwezige Britse begraafplaatsen. Wat veel minder bekend is, is dat
er vroeger in de streek van Ieper honderden (jawel !) kleine begraafplaatsen waren,
Britse, Franse of Duitse, die vooral in de jaren 1920, maar ook nog later, verdwenen
zijn doordat de resten overgebracht werden naar andere grotere bestaande begraafplaatsen.
Bekendst voorbeeld : de Fransen naar Saint Charles de Potyze in de Zonnebeekseweg,
en de Duitse naar Langemark. In Boezinge zelf hebben we door onderzoek een dertigtal
verdwenen begraafplaatsen geteld. Ze zijn niet altijd gemakkelijk te vinden
op kaarten en in registers. Want enkele ervan zijn nauwelijks geregistreerd geweest,
waren klein van omvang en aantal graven, en stonden zelfs op oorlogskaarten amper
gemarkeerd. Van die 30 verdwenen begraafplaatsen zijn er ongeveer de helft Britse,
een tiental Franse, en 3 of 4 Duitse. Eigenlijk zou daar eens verder onderzoek
moeten naar gedaan worden. Maar we beperken ons hier tot een paar, waaronder dat
waarvan de foto hierna volgt (foto uit de collectie van Gilbert en Tine Seys-Verstraete,
Boezinge). En dat is al meteen een speciaal geval. Van de meeste van de verdwenen
Boezingse begraafplaatsen weten we min of meer waar ze lagen, sommige zelfs precies.
Zoals bijv. de Franse begraafplaats tegenover Ferme des Paratonnerres,
d.i. Madelstede, de hoeve van Rijkaard (+) en Lena Vandenberghe, in de Ravestraat.

Maar
dat Duitse Ehrenfriedhof is een half mysterie. Deutsche Heldengräber
bei Pilkem (er staat verkeerdelijk Pilkelm gespeld op de foto)
zou nochtans duidelijk moeten zijn. Je zou verwachten dat dit aan de weg Boezinge
- Pilkem - Langemark zou zijn, maar nergens op een kaart een spoor daarvan. Tenzij
misschien de begraafplaats die elders genoemd wordt Pilkem an der Strasse.
Maar die zou bij de Hanebeekbrug zijn. Niet simpel te localiseren, want Hanebeek
is de naam die wel eens gegeven wordt aan de Steenbeek, ook daar waar ze bij het
binnenrijden van Langemark de weg dwarst. Maar dat is dan dus al Pilkem niet meer
! En verder stroomafwaarts is die Hanebeek dan zéker Pilkem niet meer.
En dan is er ook nog een Duitse begraafplaats vermeld van het RIR 240
(Reserve Infanterie Regiment). We weten waar die lag : naast de huidige Britse
begraafplaats Cement
House Cemetery, bij het naderen van Langemark, net voor bloemisterij Noyelle.
Dat is echter al op ong. 1,7 km voorbij Pilkem, zelfs al een eindje voorbij Hagebos.
En dan was er ook een Duitse begraafplaats bij François Farm, Briekestraat,
van zelfs 240 graven (en 13 Britse). Maar dat is dan 'te velde', op 1.8 km ten
oosten van Pilkem, zelfs dichter bij Langemark. We weten het, de grenzen van Pilkem
zijn niet keurig afgebakend, en in oorlogstijd stak het voor de bezettende Duitsers
niet zo nauw, maar : niet overdrijven ! Samengevat: we weten het
niet, en het zal (voorlopig nog) een mysterie blijven
Maar we hebben deze
'mislukking' wel willen goed maken door met een vergrootglas even naar de kruisjes
te kijken. En daarvan hebben we er twee met zekerheid kunnen identificeren. En
die zijn (de foto's zijn niet scherp wegens, de uitvergroting): Heinrich
Döhne, Landsturmmann, gestorven op 17 juni 1915 
Christian
Dreiser, Ersatz Reservist, gestorven 4 mei 1915. De meest rechtse van de rij.
In het midden is er nog een 'Wunsch', maar zonder voornaam, en dus niet
te achterhalen. En ook van de linkse ontbreken letters, door de begroeiing ervoor. Döhne
en Dreiser werden (waarschijnlijk in de jaren 1920 was dat) overgebracht naar
de Duitse begraafplaats in Langemark. (Resp. nu Blok B, graf 18513, en Blok B,
graf 18596) We geven hier ter aanvulling nog foto's van een Britse en van
twee Franse begraafplaatsen. Deze drie hebben niets te maken met de mysterieuze
Duitse begraafplaats van Pilkem, tenzij dat ook zij, samen met bijna 20 (of meer?)
andere verdwenen zijn, terwijl niets er nog aan herinnert. Behalve de foto's. Hieronder
een van de twee Britse begraafplaatsen die na W.O. I nog enige tijd in het kasteelpark
lagen, verzopen in water en modder. Er waren er twee (en ook nog een derde, een
Franse): Chateau Cemetery, en Chateau Grounds Cemetery. Deze laatste telde 19
Britse graven. De resten op beide begraafplaatsen werden in de jaren 1920 overgebracht
naar Artillery
Wood Cemetery (Poezelstraat). 
Hieronder
de Franse begraafplaats bij het Bois du Charpentier. Dit bosje lag tussen
Boezinge en Bikschote, meer bepaald in de zuidwesthoek van het T-kruispunt Slaaktestraat
en Sasstraat, en de begraafplaats lag ernaast, misschien aan de overkant. (Nu
een akker.) Er lagen 362 soldaten, een aanzienlijke begraafplaats dus. De resten
werden in de vroege jaren 1920 overgebracht naar Saint
Charles de Potyze. 
En
de laatste foto hieronder is een andere Franse begraafplaats. De precieze locatie
is niet (meer) met zekerheid bekend. Een van de glazen dia's van Pastoor Vanneste
toont een totaal verwilderde eerder bescheiden Franse begraafplaats. We vermoeden
dat die lag in de Boezingsestraat, net voorbij Robert en Anny Thyberghin-Deblonde.
De foto die we hier echter tonen is waarschijnlijk dezelfde begraafplaats, in
een latere fase, toen ze uitgebreid was met soldaten van kleinere Franse begraafplaatsjes
uit de omgeving, o.a. van Elverdinge. Nog later zouden de resten verhuizen naar
St.
Charles de Potyze (Zonnebeekseweg). 
Aurel
Sercu
Gepubliceerd 11/12/2010. |