|
Over het correcte aantal verliezen in
alle kampen zal wel nooit duidelijkheid
komen.
Heel dikwijls praat men b.v. over het
"half miljoen (Britse) doden tijdens de
slag bij Passendale". Dit kan niet :
vermoedelijk ligt het totaal aantal
gesneuvelden in West-Vlaanderen, alle
nationaliteiten tesamen en tijdens de hele
duur van de oorlog ergens rond de 400 000
à 450 000. In bovenstaand voorbeeld
kan men wel spreken (heel ruim gerekend)
over een half miljoen "verliezen".
Gemiddeld gesproken kan men de
verliezen als volgt indelen :
Op 10 verliezen heeft men :
- 2 doden:
- 1 gesneuvelde "Killed in
action"
- 1 slachtoffer dat achteraf
bezwijkt aan verwondingen, ziekte,
...
- 2 vermisten :
- 1 soldaat die nooit meer terecht
komt (dode of deserteur)
- 1 soldaat die achteraf wel nog
terecht komt (krijgsgevangene of
verdwaalde of door verwarring bij
een andere eenheid)
- 6 gewonden, zieken of gestoorden:
- 2 permanent verlies (blinde,
amputatie, ...)
- 2 langdurig verlies (breuk,
...)
- 2 kortstondig verlies
(vleeswonde, ...)
Een offensieve actie veroorzaakt
meestal meer slachtoffers iin het kamp van
de aanvallers dan in het kamp dat
aangevallen wordt.
De verhouding van het aantal doden ten
opzichte van het aantal verliezen is
groter tijdens een offensief dan tijdens
rustige periodes.
De Commonwealth War Graves Commission
rapporteerde in 1988 volgende cijfers:
- In België worden 204 810
Commonwealth-soldaten herdacht:
- 194 718 slachtoffers van de
eerste wereldoorlog waarvan 175 000
in de Ypres Salient.
- 10 092 slachtoffers van de
tweede wereldoorlog
- Van de 204 810 zijn er:
- 102 456 slachtoffers met een
gekend graf (op 623 plaatsen)
- 102 354 vermisten
- De 102 354 vermisten worden
herdacht op één van de
missing-memorials. Van deze vermisten
liggen er 48 491 begraven onder een
zerkje "Known unto God".
- Ruwweg samengevat: Per 4
gesneuvelde commonwealth soldaten
is/zijn er:
- 2 begraven onder een gekend
zerkje
- begraven onder een ongekend
zerkje en herdacht op een
memorial
- 1 werkelijk vermist en herdacht
op een memorial
Op de vier grote Duitse begraafplaatsen
(Vladslo, Hooglede, Menen en Langemark) in
West-Vlaanderen en op een aantal andere
begraafplaatsen liggen 127 588 Duitsers
begraven. (M. Scott)
Op de twee Franse begraafplaatsen
(Kemmel en St.-Charles) en op een aantal
andere begraafplaatsen liggen 10 598
Fransen begraven. (M. Scott)
Op de twee Belgische begraafplaatsen
(Westvleteren en Houthulst) en op een
aantal andere begraafplaatsen liggen 2842
Belgen begraven. (M. Scott)
Bemerking gas
Wanneer men het over gas heeft, spreekt
men dikwijls over "Yperiet". De datum van
de eerste chemische aanval (22 april 1915)
wordt heel dikwijls ten onrechte met
Yperiet verbonden.
Er werden op het Belgisch front
tientallen soorten gas gebruikt na de
eerste aanval op 22 april 1915. De meest
bekende zijn :
- chloorgas (eerste maal op 22 april
1915, door de Duitsers) tussen
Steenstrate en Halfwegehuis (tussen
Langemark en Poelkapelle). De Britten
lanceren hun eerste chloorgasaanval op
het Belgisch front op 13 juni
1916.
- fosgeen (eerste maal op 19 december
1915, door de Duitsers) ten noordoosten
van Wieltje.
- mosterdgas of Yperiet (eerste maal
op 12 -13 juli 1917, door de Duitsers)
tussen Wieltje en de Potyze.
J. P. Zanders (Centrum voor Polemologie
aan de V.U.B.) rapporteerde in mei 1993
volgende cijfers i.v.m. chemische
aanvallen aan het Belgische front tijdens
W.O. I.
|
|
Ypres
Salient
|
Buiten
Salient(in
West-Vl.)
|
Buiten
W.-Vl
|
Totaal
|
|
1915
|
17
|
1
|
-
|
18
|
|
1916
|
6
|
1
|
-
|
7
|
|
1917
|
33
|
29
|
-
|
62
|
|
1918
|
26
|
24
|
7
|
57
|
|
Totaal
|
82
|
55
|
7
|
144
|
Bron: © Robert Missinne, Interreg 1995, Lessenreeks
1914-18
|