Koksijde herdenkt de Zoeaven
28 mei 2019 - Koksijde - Bron: Gemeente Koksijde
Op pinkstermaandag 10 juni 2019 herdenkt Koksijde de bijna 8000 Franse Zoeaven die in de Westhoek sneuvelden in WO I. Oud-strijders zijn er niet meer. Vandaag worden ze vertegenwoordigd door de vaderlandslievende verenigingen en oud-strijders uit de Tweede Wereldoorlog.
Het tweede regiment Zoeaven van Walcourt luistert de herdenking op. Om 10 uur is er een bloemenhulde aan het Frans militair kerkhof in Koksijde-Dorp en om 11 uur een bloemenhulde en toespraak aan het Zoeavenmonument te Koksijde-Bad. In aanwezigheid van de Zoeaven van Walcourt.

Om 11.30 uur optocht met de Koninklijke Gemeentelijke Harmonie van Koksijde. Start aan het Zoeavenmonument, vervolgens via de Zeedijk naar het gemeentehuis in de Zeelaan, waar het defilé plaatsvindt.

Info: 058 51 29 10 – toerisme@koksijde.bewww.visitkoksijde.be

Twee unieke graven op het Carré Français

Op het Carré Français bij de Sint-Pieterskerk liggen 133 jonge Fransen die meer dan 100 jaar geleden aan het IJzerfront sneuvelden. Ze behoorden tot verschillende legerafdelingen: Marinefuseliers, Zoeaven, Territorialen, Artilleurs, Tirailleurs en Genie. Twee van hen behoorden tot het heel aparte Bataillon d’Afrique (les Bat d’Af). Door hun landgenoten werden ze les Joyeux genoemd. Grappenmakers waren die kerels beslist niet, want ze dienden in een strafbataljon. Het waren criminelen en recidivisten, die na een gevangenisstraf in Frankrijk, naar Noord-Afrika waren gestuurd. Ze kwamen terug met het vooruitzicht dat hen - bij goed gedrag - aan het einde van de oorlog kwijtschelding zou worden verleend.

Toen het eerste Bataillon d’Afrique in oktober 1914 in Marokko werd opgericht, luidde het devies: Ex Unque Leonem wat zoveel betekent als: Een leeuw herken je aan zijn klauwen. Maar de manschappen (550 man sterk) vertaalden het naar Joyeux, fais ton fourbi, pas vu, pas pris, mais pris rousti. En dat betekent zoveel als Laat je niet zien of horen en graai andermans eigendommen mee. Het waren dus geen koorknapen en ze deserteerden ook zodra het kon. Van zodra ze toekwamen, werden ze naar de bloedigste slagen in Frankrijk en België gestuurd. De bekende Engelse verpleegster Dorothie Feilding vertelt: "Er is een ongelooflijk bataljon Franse ex-gevangenen aangekomen en ze zorgen voor leven in de brouwerij! Het zijn geharde vechtersbazen, mannen voor het vuilste werk. In één week tijd hebben ze zes Belgische rijkswachters en twee bejaarde dames vermoord, plus tientallen kippen gestolen."

Op 10 en 11 augustus 1916 revolteerde een viertal tegen het nodeloos bloedvergieten. Twee van hen, Hippolyte Debonne (27 jaar) en Batistin Gastaudo (26 jaar) werden door de officieren van de krijgsraad ter dood veroordeeld wegens gewapende revolte en het beledigen van hun oversten. De advocaat van de verdediging, een Zoeaaf, argumenteerde dat beide jongens uitgeput waren na nodeloze gevechten waarbij veel makkers omkwamen en dat ze uit de band sprongen nadat een onderofficier hen zwaar had aangepakt.

Het gratieverzoek werd afgewezen. Debonne en Gastaudo werden op 17 oktober 1916 bij zonsopgang door hun makkers gefusilleerd in Koksijde-Bad. Pas na hun dood kwam de melding dat de executie moest worden opgeschort.

Beiden rusten zij aan zij in graven 114 en 115; ondanks alles toch met de vermelding Mort pour la France. Werd er postuum toch nog rekening gehouden met de opschorting van de doodstraf?

(Tekst door Michel Piérart, auteur van Koksijde en de Zoeaven 1915-1916, uitgave gemeente Koksijde, 2016)