Voorlopige bescherming van een Britse brug uit de Eerste Wereldoorlog in Heuvelland en Ieper
29 november 2017 - Kemmel - Bron: Kabinet Bourgeois
KABINET VAN DE MINISTER-PRESIDENT VAN DE VLAAMSE REGERING, VLAAMS MINISTER VAN BUITENLANDS BELEID EN ONrOEREND ERFGOED



© Agentschap Onroerend Erfgoed
 
Geert Bourgeois, Vlaams minister-president en Vlaams minister van Onroerend Erfgoed, heeft een Britse brug uit de Eerste Wereldoorlog in Heuvelland (Kemmel) en Ieper (Dikkebus) voorlopig beschermd als monument. 

Historiek

De Britse brug is een van de weinige bewaarde bruggen die tijdens de Eerste Wereldoorlog zijn opgetrokken in de frontzone. Vandaag ligt de brug pal op de grens tussen Heuvelland (Kemmel) en Ieper (Dikkebus).

De brug is gebouwd onder helse oorlogsomstandigheden. Ze was in eerste instantie bedoeld als tankbrug en is door het Britse 2nd Army gebouwd als voorbereiding op het geallieerde Bevrijdingsoffensief, dat op 28 september 1918 van start zou gaan.

De brug verwijst dus naar de inzet en de rol van tanks bij de oorlogsvoering. Voor de tanks moest de infrastructuur, zoals wegen en bruggen, voldoende stevig zijn en indien nodig aangepast worden. Een bewaarde brug, die tijdens de Eerste Wereldoorlog oorlog is opgetrokken voor tanks, is uitermate zeldzaam.

Uit het dagboek van de 245th (Guernsey) Army Troops Company, de Britse genie-eenheid die deze brug optrok tussen 4 en 7 september 1918, blijkt dat de eenheid ononderbroken, in drie shiften, aan de brug werkte onder artilleriebeschietingen. Twee mannen zijn tijdens de bouw getroffen door een gasaanval. Peter Tostevin, die de bouw leidde, ontving samen met zijn compagnie een Military Medal voor de realisatie. Deze brug toont aan dat ook genietroepen weinig benijdenswaardige opdrachten dienden uit te voeren in levensgevaarlijke omstandigheden. Indirect verwijst ze naar de gevechten en artilleriebeschietingen in de Sector Vierstraat begin september 1918. Hoewel het om kleinschalige militaire acties ging die kaderden in de zogenaamde Ontzettingsgevechten, vielen er vele slachtoffers.

Eens de regio bevrijd was, is door dezelfde genie-eenheid een tweede keer aan de brug gewerkt en zijn steunberen en borstweringen toegevoegd. In deze fase zijn inscripties nagelaten die verwijzen naar de bouwers. Deze inscripties verhogen zo ook de authenticiteit van de brug.

De brug is voor een groot deel opgetrokken met Britse geprefabriceerde betonstenen, en heeft hierdoor een belangrijke architecturale waarde. Het betreft meer bepaald Britse betonstenen die in de zomer van 1918 in een werkplaats in Arques bij Saint-Omer (Frankrijk) zijn gemaakt voor het Britse 2nd Army. Deze betonstenen, vaak in combinatie met geprefabriceerde betonnen balken, zijn voornamelijk gebruikt voor de Britse bunkerbouw.
 
Procedure

Na een periode van negen maanden beslist minister-president Geert Bourgeois over een definitieve bescherming.
https://www.onroerenderfgoed.be/nl/bescherming/beschermd-onroerend-erfgoed/procedure
 
Meer informatie over de site in de inventaris: https://inventaris.onroerenderfgoed.be/erfgoedobjecten/215701